Archive for the Category » Taal- en spraakachterstand «

Bordspellen: verleden en heden

Het begon zo’n 9 jaar geleden. Aangemoedigd door de logopediste deden de eerste bordspelletjes voor kinderen hun intrede in ons huis. Kleine IJsbeer lotto en de Kleurentorentjes van Jumbo, we hebben daar eindeloos mee gespeeld om de taalproductie van onze zoon uit te lokken.

Tevens werkten we aan de sociale interactie dat hij ook wel moeilijk vond vanuit zijn autisme. Prachtig vond hij het, zo’n genietmoment met papa of mama. En stapje voor stapje, bijna spelletje naar spelletje, kwam er wat op gang.

Onze zoon is nog steeds dol op bordspellen. Ganzenbord blijft zijn lievelingsspel maar onze puberzoon heeft nu ook andere interesses. Daarnaast heeft onze dochter ook het bordspellenkoorts onder haar leden: de kolonisten van Catan of Stratego is zwaar favoriet bij haar. Maar we moesten er een keer aan: de bordspellenkast puilt inmiddels uit en de veel gespeelde spellen stonden inmiddels een stapel buiten de bordspellenkast.

Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Dus op deze warme zomerdag ga ik plank voor plank af lang negen jaar aan verzamelde bordspellen. Bij elk spel is er een herinnering, een reden waarom het is aangeschaft en een succesmoment dat naar boven komt borrelen. Het Lingospel wat we blijkbaar twee maal hadden gevonden op een rommelmarkt. Onze vent was dol op dat programma toen het nog op tv was. Wat heeft ons dit geholpen en wat zijn we trots op onze zoon.

De zorgboerderij heeft ons al laten weten dat ze belangstelling hebben voor die spellen die we weg doen en inmiddels staat een tas met bordspelherinneringen voor ze klaar. Waar ik weerstand had verwacht kwam dat er niet. De tas met oude spellen was erg snel gevuld.

Hopelijk gaan deze bordspellen ook andere kinderen helpen. En voor onze zoon: de spellen zijn niet uit het oog. Hij kan ze immers ook daar nu spelen!

Als praten niet vanzelf gaat…

Een belangrijk onderdeel in ons leven is interactie met anderen. Het scala aan Autisme Spectrum Stoornissen (ASS) is echter zo breed dat elke ouder zal beamen dat hun bijzondere kind veel moeite heeft met sociale interactie, luisteren of te begrijpen wat een ander zegt of bedoelt. Kinderen met Asperger bijvoorbeeld weten weliswaar vaak weerwoord te geven omdat ze juist zo vroeg zijn met taal, maar er zijn ook kinderen die nooit zullen praten of dit heel moeizaam leren te doen. Voor de meeste kinderen met ASS zit er ergens een verstoring op de communicatielijn. Dan komt het er op neer dat de aangeboden informatie anders wordt verwerkt.

Mijn hersens die werken niet zo goed met elkaar en daardoor kan ik ook langzamer communiceren.

 
Moedertaal als basis

In veel gevallen van ASS is echter de moedertaal wel aanwezig vanaf de babytijd. Het komt er misschien niet altijd uit, maar er zijn vele praktijkvoorbeelden waar non-verbale mensen met ASS in staat zijn om op te schrijven wat er in hen omgaat.

Maar wat als er problemen zijn met het verwerven van de moedertaal? Deze mensen met ASS hebben vaak als comorbiditeit een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Dergelijke stoornissen zijn relatief onbekend in de samenleving, terwijl vijf procent van de bevolking hiermee te maken heeft (Kentalis/Nationale Zorggids, 2014).

Net als bij ASS lopen de verbindingen tussen hersengebieden anders, waardoor taal minder goed wordt verwerkt. Iemand met TOS heeft o.a. moeite met het onthouden en leren van woorden of klanken. En ontstaan hierdoor problemen met de uitspraak, woordbegrip, taalperceptie en taalproductie: een complex geheel.

TOS betekent dat het moeizaam verwerven van de moedertaal een primaire stoornis is. Het zorgt er voor dat een persoon met ASS én TOS een dubbele communicatiehandicap heeft. Daardoor staan ze vaak op een grotere (ontwikkelings-)achterstand.

We staan er misschien niet altijd bij stil, maar moedertaal is eigenlijk het instrument waarmee je de wereld om je heen, en de mensen daarin, leert kennen. Vanaf je geboorte leer je hoe je zaken kunt benoemen of met je communicatiepartner dingen kunt uitpraten. De afwezigheid van je moedertaal betekent dat je jezelf niet kunt uiten en dat het een extra inspanning vergt om het aangeleerd te krijgen.

Ik krijg de taal wel binnen maar ik krijg het niet verwerkt om naar buiten te komen.

Taal thuis

Als ouder is het vaak flink aanpoten om bij je kind te achterhalen wat er speelt. Nu is dat al lastig met een kind met ASS, maar als er ook een taalontwikkelingsstoornis is blijft het vaak zoeken naar een goede aanpak. Geen kind is echter hetzelfde en er zijn wel tips en adviezen om te delen.

Verwerkingstijd: Als je iets van je kind vraagt, geef dan ook de tijd om het te verwerken. De wereld om ons heen zit boordevol met taal en het duurt langer bij je kind voordat het door alle filters is gegaan. Dan moet er ook nog terug worden gepraat. Tip: wacht even met het herhalen van je vraag tot je je kind de tijd hebt gegeven het te verwerken. Probeer (rustig) te achterhalen welk deel van je vraag eventueel extra moeite kost.

Niet doof! Vergeet nooit dat ook non-verbale mensen met ASS je heel goed kunnen horen en alles onthouden, zelfs als ze niets (kunnen) terug zeggen.

Sociale vertelsels als sleutel: Als je kind er niet uit komt dan kun je zogenaamde sociale vertelsels inzetten. Pak een stuk papier en teken of schrijf het samen met je kind uit. Hiermee kun je de wereld om je kind heen dichterbij brengen en zowel emoties als sociale interacties zichtbaar maken. Sociale vertelsels zijn ook erg nuttig om je kind voor te bereiden op een nieuwe gebeurtenis. Zelf heb ik ze bijvoorbeeld gebruikt toen ik enkele dagen op reis moest voor mijn werk. Hierbij kon ik mijn kind ook voorbereiden op verjaardagen en andere sociale gelegenheden.

Spraakproblemen: Als je kind niet duidelijk te verstaan is, neem dan contact op met een logopediste in de buurt. Klik hier om er een op te zoeken. Vaak is hiervoor een doorverwijzing van je huisarts nodig. Je kunt ook via school een logopedische screening aanvragen.

Quotes zijn afkomstig uit Spraaktaal van Jet Isarin.

Als praten niet vanzelf gaat… is geschreven voor het magazine: Leven met Autisme. Hij is gepubliceerd in het Juni 2014 nummer. Je kunt het artikel ook hier lezen, dit artikel is het eerste artikel uit een reeks dat gaat over taal/spraak stoornissen en autisme.

De blauwe en roze koffer…

Woensdagmiddag, half vier. Vol verwachting kijkt onze kleine meid naar de deur die toegang geeft tot de kamer van de logopediste. Kevin ligt in de wachtruimte languit op de grond en kletst volop over een treinreis terwijl hij met zijn NS trein knuffel speelt. Susannah zit vol met plannen: werken en kleuren met de taal-juf. En ja daar is ze dan, de taal-juf. Het feest kan beginnen!

Onze dochter krijgt logopedie omdat ze van tijd tot tijd niet te verstaan is. Na vele verkoudheden heeft ze zichzelf een techniek aan geleerd waar ze haar neus niet gebruikt tijdens het praten, want zo graag wil ze met ons communiceren. Naast haar articulatieproblemen wil ze zich soms te bescheiden opstellen waardoor ze ook nog zachtjes praat: geen ideale combinatie.

logopedie-t13527

 

Terwijl Kevin het felbegeerde spelletje Bunnyhop uit de kast trekt laat de logopediste de nieuwe koffers van de Schlichting test zien: een blauwe en een roze. Ze wil vandaag met de roze kist verder, maar al snel maak ik haar duidelijk dat we nog niet eens de blauwe koffer hebben gedaan. Ik bekijk de koffers waar ik een haat-liefde verhouding mee heb. Schlichting Test voor Taalbegrip meet het receptieve taalniveau van jonge kinderen, net zoals de Reynell testen. Genadeloos lieten deze testen zien hoe zeer onze zoon achter liep op gebied van taal toen hij net zo oud was als zijn zusje. Niet alleen met vier jaar, maar ook de maanden daarna. Hoopvol kijk je als ouder naar betere scores, maar de combinatie van taal- en spraakstoornis met autisme is geen gemakkelijke.

Combi Taalproductie en Taalbegrip

Ik heb zelf nooit bij een Schlichtingtest gezeten, maar ik weet maar al te goed waarvoor ze dienen. Zo belangrijk om te meten en te achterhalen of er een taalachterstand en taalstoornis is. Ik weet dat onze knul heel lang gewoon niet te testen was en terwijl Susannah en haar logopediste een oefenronde doen wordt het me heel snel duidelijk waarom.

Voor een kind van die leeftijd moet je heel goed luisteren wat er van je wordt gevraagd terwijl je dus ook het nodige voor je neus hebt staan. Maar met plezier zet ze de poes op het huis en mag de kikker kusjes geven: een waar feest. Ook de opdracht met de damsteentjes doet ze bijna vlekkeloos ondanks de vele speelgeluiden die haar broer produceert achter haar. Ze werkt geconcentreerd en luistert gretig naar de vragen. Ik zit er stil naast, maar ben oh zo trots op haar en op mijn zoon die ondanks alles deze test nu wel kan doen. Susannah maakt een paar kleine foutjes waarvan de logopediste thuis even moet nazoeken of ze die wel fout mag rekenen. Taal is een tricky business, ook voor een logopediste.

Als praten niet vanzelf sprekend is…

Stel je eens voor, je arriveert in een nieuw land. Je kent de taal niet en je kunt je zelfs niet verstaanbaar maken met het nodige handen en voetenwerk. Maar er is iemand die desondanks dat dit niet lukt toch bij je blijft, voorbij deze communicatiestoornis kan kijken en je ziet zoals je bent. Je voelt je veilig, geborgen in de cocon die om je heen wordt gesponnen. Maar deze cocon is niet altijd daar, er komen meer momenten dat je in je eentje in die buitenwereld moet begeven. Deze buitenwereld is er nu eenmaal omdat ze jou datgene kan geven wat je nodig hebt zodat je in je eigen basisbehoeften kunt voor zien. Je snapt niet wat ze van je willen, je probeert het wel maar ze snappen je gewoon niet. Je gids zoekt en zoekt en met hulp weten ze iemand te vinden die jou kan helpen om je wel verstaanbaar te maken zodat je in deze voor jouw vreemde maatschappij mee kan doen zodat als je gids wegvalt, je wel in je eigen basisbehoeften kunt voor zien.

Beste lezer: laat dit eens in je inwerken. Hoe zou jij je voelen? Zou jij er best wel mee kunnen leven dat je zonder hulp en als je gids wegvalt je helemaal in je eentje er voor staat. In die maatschappij die niet met jou wil en kan communiceren? Is dat acceptabel?

Taal is de basis van alles. Zonder taal is het in onze maatschappij verdomd moeilijk om te overleven in je eentje. En als een taal/spraakstoornis je ook nog belemmert in het eigen maken van kennis (het leren van een vak bijvoorbeeld) terwijl je zoveel in je mars hebt, dat je zoveel kunt bijdragen als je maar die kans krijgt om het te leren, dan spreken we hier over een essiëntele basisbehoefte waar je niet zonder kan.

En toch heeft het College voor Zorgverzekeringen spraakstoornissen in hun Technische rapportage ziektelast bestempelt als ‘ach je kunt er prima mee leven hoor.’ Nee, ze doen geen uitspraken of dit uit het pakket moet worden gehaald, en ja ze zeggen duidelijk het volgende:

De zorg is niet getoetst aan de hand van de vier pakketcriteria die wij normaliter hanteren bij pakketbeoordelingen, namelijk effectiviteit, kosteneffectiviteit, noodzakelijkheid en uitvoerbaarheid. De rapportage is dan ook geen pakketbeoordeling of pakketadvies en de gebruikelijke adviesroute met consultatie van belanghebbenden en advisering door de Advies Commissie Pakket (ACP) is achterwege gebleven. Dit impliceert dat de medische en maatschappelijke consequenties niet door ons zijn beoordeeld. In lijn met onze eerdere uitvoeringstoets beschrijven wij wel de mogelijke problemen op zorginhoudelijk en uitvoeringstechnisch terrein.

In het rapport zelf wordt op pagina 52 een moeizaam onderscheid gemaakt wat nu onder ‘speech problems’ wordt verstaan.

Het is lastig een zuivere schatting te geven omdat niet bekend is welk deel van de behandelingen dienen voor ‘speech problems’ en welk deel voor bijv. slikstoornissen. Obv bovenstaande bron wordt dit ruwweg geschat op (40%+24%) 64%.

In deze opsomming staat 40% voor een spraakstoornis, 24% voor een taalstoornis. Dit implicieert dus dat ook taalstoornissen en behandelingen die hiervoor nodig zijn ook hieronder gaan vallen.

Dus ja, laat die kinderen die geboren worden met een taal/spraakstoornis maar lekker in de kou staan. Laat ze maar opgesloten blijven in hun eigen hoofd terwijl hun ouders ze zo graag willen helpen als hun gids, maar het niet kunnen betalen. Maakt niet uit of je super intelligent bent, maar dat je neurologische aanleg er voor zorgt dat het leren praten net anders verloopt dan een normaal mens. Of dat het hand in hand gaat met hoorprobleem, of autisme. Want ach, daar kun je dus volgens het CVZ prima mee leven toch?

De wet OKE, VVE en de impact op peuterwerk

Sinds februari weten mochten wij vanuit het nieuws vernemen dat de peuterspeelzalen – inclusief die van onze dochter- gaat sluiten vanaf 1 september dit jaar. Gemeente Deventer is hier niet de enige die dit doet: landelijk worden peuterspeelzalen gesloten en wie een beetje zoekt kan tal van berichten hierover terug vinden. Dit heeft meerdere redenen. Een gemeente moet zijn welzijnsbegroting rond krijgen of zelfs op inleveren en dan is het peuterwerk één van de eerste zaken die moet inkrimpen. Ten slotte is er de kinderopvang, toch? Hier kom ik straks nog op terug.

Wet OKE misschien niet zo ok voor de peuters van nu?

Een andere reden is het doorvoeren van de wet OKE (Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie) waar diverse peuterspeelzalen worden omgebouwd tot peuterzalen/voor- en vroegtijdige educatie. Er is nog steeds een discussie gaande hoe dit aan te pakken en er draaien landelijk 30 scholen een pilot in het schooljaar 2011-2012. Zo bestaat bij de minister van onderwijs het idee om het onderwijs aan de peuters te laten doen door hbo opgeleide krachten, maar de vakvereniging trekt het nut hiervan in twijfel. Wat wel een feit is, is dat in onze gemeente de grootste peuterspeelzaalaanbieder – namelijk het Raster – tot medio 2015 de tijd had gekregen om alles te hervormen. Had, ja dat lees je goed.

Afgelopen woensdagavond was er een bijeenkomst georganiseerd door het Raster waar ouders meer informatie kregen over hoe het zo ver had kunnen komen. Vanuit het Raster werd het verhaal verteld dat door de wispelturigheid van één wethouder die alle adviezen om het niet te doen (ook van zijn eigen ambtenaren) naast zich neerlegde. Het moest en het zou per 1 september 2012 gebeuren, eerdere afspraken werden teniet gedaan.

Het Raster heeft sinds september 2011 twee peuteropvang projecten opgestart, maar het nieuw ingerichte peuterwerk is nog niet eens geëvalueerd. Tot die tijd draaien de normale peuterspeelzalen hun programma die gebaseerd is op de pedagogische piramide-methodiek. Deze pedagogische aanpak sluit nauw aan op de basisscholen.

Een Peuterspeelzaal is Kinderopvang-mythe

Laten we nu eerst de mythe ontkrachten dat peuterspeelzalen hetzelfde zijn als kinderopvang. Kinderopvang is precies dat: een plek om kinderen op te vangen en het dagelijkse ritme zo goed mogelijk na te bootsen. Op de kinderopvang wordt er geen aandacht besteed aan het schoolse en er is er geen pedagogisch programma. Een peuterspeelzaal heeft dit wel doordat men de piramide-methode gebruikt en deze methodiek loopt door in groep 1 en 2 van de basisschool. Daarnaast is het dagdeel programma dusdanig ingericht dat de kinderen aan het eind van hun peuterspeelzaalperiode gewend zijn aan het schoolse ritme. Wil je peuters goed voorbereiden op de basisschool, dan is de peuterspeelzaal de beste plek. Er is op sommige kinderopvangcentra het programma  Kaleidoscoop, maar deze is als methodiek nog volledig in ontwikkeling.

De beredenering dat ouders net zo goed hun peuters naar de kinderopvang kunnen doen en daarvoor de commerciële prijzen te laten betalen loopt dan ook geheel mank. Waarom zou je kind daar naar toe doen als het pedagogische klimaat er niet naar is? Of dat je gehele dagen moet afnemen in plaats van een paar uur? Ik hoor veel om me heen dat juist ouders heel bewust kiezen voor de peuterspeelzaal omdat het een geheel andere opzet heeft dan de kinderopvang.

Potjes en budgetten

Natuurlijk, andere potjes en budgeten vanuit de overheid, ook in Den Haag. Minister Kamp heeft de verantwoordelijkheid van kinderopvang en peuterspeelzaal werk en gaat juist korten op de kinderopvang. Voor extra geld om taalachterstanden aan te pakken wijst hij door naar de Minister van Onderwijs. Maar heb je een kind dat vanuit het consultatiebureau niet een vve plek krijgt toegewezen… trek dan maar je portemonnee. Wat schrijnend is om te zien is dat er vanuit het ministerie geen enkele coördinatie is hoe de wet OKE wordt uitgevoerd. Elke gemeente pakt het anders aan naar mate er geld beschikbaar is. In de gemeenten Almere en Apeldoorn zijn de peuterspeelzalen compleet weggevaagd. In Almere lijkt men nu wakker te worden want er is inmiddels al een forse wachtlijst voor een plek op de peuterspeelzaal  en maakt men zich zorgen over de ontwikkeling dat er dus ‘zwarte’ peuterspeelzalen ontstaan.

Een zorgelijke ontwikkeling, want taalachterstanden discrimineren niet: het kan in elk gezin gebeuren, van autochtone gezinnen met hoogopgeleide ouders tot allochtone gezinnen waar Nederlands een tweede taal is. Waar blijven dan die zorgkinderen waar er meer aan de hand is dan dat Nederlands een tweede taal is? Wat zijn de gevolgen voor het andere traject dat ‘Passend Onderwijs’ heet?

VVE-plaatsen

Omdat onze dochter opgroeit in een gezin waar het autisme van haar oudere broer alles beïnvloedt, hebben wij door het consultatiebureau een VVE plaats toegewezen gekregen. Op de peuterspeelzaal leert ze hoe ze kan spelen met andere kinderen en hoe het wel kan gaan. Onze gemeente kent niet alleen VVE plekken toe aan kinderen met een taalachterstand, maar ook die kinderen die elders in hun ontwikkeling een extra steun kunnen gebruiken. Prima, goed initiatief. Nu kunnen we het nog net opbrengen, maar omdat de tarieven omhoog gaan, ook voor de VVE plekken is het afwachten of onze dochter (maar dit speelt ook in andere gezinnen) per 1 september terugkeert naar haar VVE plekje.

De aangekondigde 1 miljoen voor VVE in gemeente Deventer om taalachterstanden voor alle peuters weg te werken : echt geweldig! Maar ergens is er onder de gewone man en bij de politieke partijen het beeld ontstaan dat taalachterstanden zich alleen voor doen bij allochtone kinderen in achterstandswijken. Dat is iets waar ik me toch zorgen over maak. Juist omdat de problematiek van het hebben van een taalachterstand veel breder kan worden getrokken dan men nu doet. Daarnaast vraag ik me af of deze 1 miljoen dan ook beschikbaar is voor kinderen die een steuntje in de rug kunnen gebruiken voor hun ontwikkeling dat niet aan een taalachterstand is gerelateerd…

En wat nu?

Vooralsnog verkeren we in limbo. De gemeente zegt dat ze een wederdienst gaan verlangen van ouders die een kind hebben met een VVE plaatsje. Er staat nog niks op papier hoe dit eruit gaat zien, waar een ouder aan moet voldoen of wat de nieuwe tarieven worden. Een prachtig proefballonnetje waar diegene die er echt mee te maken hebben helemaal niets aan heeft.

Medio april/mei moet dit duidelijk zijn, maar het verhaal vanuit Raster is dat er elke keer vanuit de gemeente er weer iets veranderd en dat er geen schot in de zaak komt. Er valt moeilijk afspraken te maken met de gemeente zo. En diegene om wie het gaat is slechts bijzaak, op duidelijkheid moeten we lang wachten. Helaas is dit dus één van die vervelende consequenties als je beleid maakt in Den Haag, het deponeert bij de gemeente en dus verder de handen er vanaf trekt.

Het lijkt momenteel wel dat men voor de bühne extra geld beschikbaar maken voor die kinderen met een taalachterstand, maar bij bijna elk nieuwsartikel hierover komt er in het commentaar naar boven drijven dat men denkt dat dit alleen voor allochtone kinderen gaat.  De tendens dat vanuit Henk & Ingrid voort komt is dat die ouders er zelf maar voor moeten betalen, dit zonder te beseffen hoe ernstig een taalstoornis kan zijn… waarop er weer gereageerd gaat worden en morgen weer bij het vragenuurtje rechtse politici hun plekje opeisen bij de interruptie microfoon. Want ja, eigen verantwoordelijkheid, zelf voor betalen en het gaat maar door terwijl het kind aan de zijlijn blijft staan.  En zo houden we elkaar bezig, want zo schuif je het probleem alleen maar door.

De vraag blijft echter: waar gaat het geld naar toe en hoe wordt het geoormerkt? Komt het echt terecht bij die kinderen en gezinnen die het zo nodig hebben?

Wel is het bemoedigend dat vanuit het Raster wel wordt nagedacht om zorgkinderen op te sporen die anders thuis blijven omdat de gemeente – nou ja, de wethouder – als een olifant door de porseleinen kast dendert. De gemeente is er zich niet van bewust is dat er minstens twee lichtingen van peuters zullen zijn die door deze gecreëerde onzekerheid, zeker met een achterstand op de basisschool beginnen omdat er nog niks voor hen is per 1 september. Ouders moeten echter wel voortijdig kunnen handelen. Want het gevolg van deze onduidelijkheid en incompetentie vanuit de gemeente is dat die kleintjes dan uiteindelijk nog een achterstand hebben als ze kunnen instromen in het basisonderwijs. Ook dat gaat geld kosten mensen. Gelukkig zegt het Raster wel dat we de kinderen, ook per 1 september kunnen komen brengen als de gemeente zijn zaken niet op orde heeft. Of wij en met ons vele andere ouders, haar plekje nog kunnen bekostigen is een andere zaak…

De aanpak van vroegtijdige taalondersteuning in onze gemeente

In juli kregen we het bericht dat de remedial teacher op gebied van taal van de peuterspeelzaal moest verdwijnen. Ik was ronduit geschokt en bedroefd dat desondanks dat de wethouder belangrijk vond dat kinderen zonder taal of ontwikkelachterstand op de basisschool kunnen beginnen, kwam leek me dit een kwestie van het paard achter de wagen spannen door het Raster. Het was me echter al wel opgevallen hoeveel klasgenootjes van onze dochter ineens 4 dagdelen op de peuterspeelzaal zaten terwijl ze goed konden praten. Drie jaar geleden werd dit gedaan als uitzondering en moest je door flink wat hoepels springen. Een moeder gaf bijvoorbeeld aan dat haar kind behoorlijk druk was en dat ze zo wat werd ontlast. Maar dat heeft niets met een taalachterstand te maken, misschien een ontwikkelingsachterstand, maar daar ben ik erg voorzichtig mee om dat uit te spreken. Twee weken geleden stapt de juf op me af, waar ze anderhalve week van te voren zei dat ze ons kind vond achterlopen voor een driejarige (blijkbaar compleet vergeten dat Susannah net twee en een half is) ziet ze nu geen achterstand meer. Schiet mij maar lek. Wel wil ze kijken of ze ons kind voor vier dagdelen kan plaatsen zodat ze meer kan wennen aan rituelen en het schoolse. Ik geef aan dat als dat haar helpt met haar sociaal emotionele ontwikkeling (want als zusje van een autist heb je niet echt een voorbeeld) ga ik akkoord. Ik blijf het toch raar vinden, want ze heeft geen taal- of een ontwikkelingsachterstand.

Vandaag ben ik op het consultatiebureau omdat Susannah tijdens het lopen met één voet behoorlijk naar binnen draait en dat zit me niet lekker. De arts is tevreden en stelt me gerust: dat komt vanzelf goed. Ook moet ons meisje wat blokjes stapelen en wat in een vormenstoof proppen. Geen probleem voor ons meisje. Dan vertel ik haar over het voornemen van de juf. De arts geeft zelf aan dat onze meid zich goed ontwikkelt en dat wij thuis ook geen problemen zien. Dus ik vraag haar waarom dan toch die indicaties worden uitgedeeld alsof Piet zijn zak pepernoten kwijt moet. Ze vertelt me dat de gemeente geld heeft vrijgemaakt zodat kinderen schoolrijp zijn als ze naar de basisschool gaan. Allochtone (nee ik verzin dit niet) kindjes hebben vaak een forse achterstand en zo worden op deze wijze geholpen. Ze geeft toe dat het niet meer inzetten van de remedial teacher een erg ongelukkige ingreep was, maar dat het beleid is dat kinderen met achterstanden deze niet meer hebben als ze vier worden. Gezien onze gezinssituatie wil ze wel formulieren tekenen zodat de vier dagdelen kunnen worden aangevraagd zodat ze meer onder haar leeftijdsgenootjes kan zijn waarvan ze kan leren hoe het wel kan gaan.

Maar het zit me toch dwars. Het uitdelen van deze indicaties voor alleen meer uren heeft niets te maken met het wegwerken van taalachterstanden (laat staan dat er iets wordt gedaan aan spraakachterstanden) waar het convenant zo sterk mee begint. Een taalachterstand wegwerken betekent vaak meer aandacht voor taal in de groep. Dit kan worden aangepakt om samen met een specialist of logopediste waarmee men woordjes en mondmotoriek kan oefenen. Hieraan wordt juist helemaal geen extra aandacht meer aan besteed. Sterker nog, er was iemand die dat fantastisch deed, maar die werd de deur gewezen onder de mom van noodzakelijke bezuinigingen. En waarom dan ook weer die nadruk op allochtoon? Beseft men dan echt niet dat autochtone kinderen net zo goed een taal- en spraakachterstand kunnen hebben? Juist als er sprake is van een ontwikkelingsachterstand dat bijvoorbeeld wordt veroorzaakt door autisme komt dit zo vaak voor. Waarom wordt er dan met de oogkleppen op gestaard naar allochtone kinderen? Waarom worden specialisten wegbezuinigt en vervangen door alleen meer uren aan te bieden?

Als ik heel cynisch ben dan kan ik zien hoe een organisatie graag kinderen extra dagdelen plaatst om de gelden binnen te halen zonder dat er echt tijd wordt geïnvesteerd in het substantieel wegwerken van taal- en/of spraakachterstanden. Want waar is bijvoorbeeld de logopediste of een remedial teacher die hieraan kunnen werken? Allochtoon of autochtoon: je gunt elk kind met een taal- en spraakachterstand die extra aandacht om hieraan te werken. Als moeder van een kind met een ontwikkelingsstoornis met een taalstoornis gun ik juist die kinderen dat extra beetje hulp wat ze zo broodnodig hebben. Dat zie ik nu niet gebeuren.