Archive for the Category » Kevin «

Bordspellen: verleden en heden

Het begon zo’n 9 jaar geleden. Aangemoedigd door de logopediste deden de eerste bordspelletjes voor kinderen hun intrede in ons huis. Kleine IJsbeer lotto en de Kleurentorentjes van Jumbo, we hebben daar eindeloos mee gespeeld om de taalproductie van onze zoon uit te lokken.

Tevens werkten we aan de sociale interactie dat hij ook wel moeilijk vond vanuit zijn autisme. Prachtig vond hij het, zo’n genietmoment met papa of mama. En stapje voor stapje, bijna spelletje naar spelletje, kwam er wat op gang.

Onze zoon is nog steeds dol op bordspellen. Ganzenbord blijft zijn lievelingsspel maar onze puberzoon heeft nu ook andere interesses. Daarnaast heeft onze dochter ook het bordspellenkoorts onder haar leden: de kolonisten van Catan of Stratego is zwaar favoriet bij haar. Maar we moesten er een keer aan: de bordspellenkast puilt inmiddels uit en de veel gespeelde spellen stonden inmiddels een stapel buiten de bordspellenkast.

Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Dus op deze warme zomerdag ga ik plank voor plank af lang negen jaar aan verzamelde bordspellen. Bij elk spel is er een herinnering, een reden waarom het is aangeschaft en een succesmoment dat naar boven komt borrelen. Het Lingospel wat we blijkbaar twee maal hadden gevonden op een rommelmarkt. Onze vent was dol op dat programma toen het nog op tv was. Wat heeft ons dit geholpen en wat zijn we trots op onze zoon.

De zorgboerderij heeft ons al laten weten dat ze belangstelling hebben voor die spellen die we weg doen en inmiddels staat een tas met bordspelherinneringen voor ze klaar. Waar ik weerstand had verwacht kwam dat er niet. De tas met oude spellen was erg snel gevuld.

Hopelijk gaan deze bordspellen ook andere kinderen helpen. En voor onze zoon: de spellen zijn niet uit het oog. Hij kan ze immers ook daar nu spelen!

Avonturen in (nep Lego) supermarktenland

Het was al begin van dit jaar aangekondigd maar omdat de C1000 ophoudt te bestaan, gaat ook de C1000 Hans Kok in Colmschate veranderen in een Jumbo. Als vaste bezoekers vonden zowel Kevin als Susannah dat niet heel leuk om te horen en het kwam heel dichtbij toen de C1000 in april een halve week dichtging om daarna weer te openen als Jumbo. Alles geel in plaats van rood en natuurlijk nergens meer een vermelding van C1000 te vinden.

Daar had Kevin wel moeite mee. De C1000 maakte deel uit van zijn patroon en dan nooit meer daar naar toe kunnen, dat was lastig om te verwerken.

2015-05-07 C1000 supermarkt
Gelukkig had de C1000 een tijd daarvoor nog een spaaractie gehad om C1000 speelgoed te sparen. Brick’m, een B-merk Lego variant, waarin je C1000 spulletjes kon namaken. Samen met mama bouwde hij zijn eigen C1000 supermarkt zodat hij die niet hoefde te missen. En plaatste ik bovenstaande foto op Twitter.

Dat leidde tot een reactie van RTV Oost, een telefoontje en een leuk stukje op de site van RTV Oost die avond.

2015-05-07 Kevin op RTV Oost nieuws met C1000 supermarkt v2Maar daar hield het niet bij op. Vanuit Jumbo Hans Kok reageerden ze meteen met een aanbod om Kevin een Jumbo truck en een Jumbo Ban Bao speelgoedset cadeau te doen zodat hij nog sneller kon wennen aan de nieuwe Jumbo.

En dus stonden papa, Susannah en Kevin op de dag na Hemelvaart in de nieuwe Jumbo, maakten kennis met heel veel leuke medewerkers van de Jumbo (het is een familiebedrijf) en mochten achter de schermen meekijken. De hele stijle trap naar de personeelsruimte maakte zeer veel indruk op Kevin en enigszins beduusd nam hij de truck en bouwset in ontvangst.

Voor de verslaggever en fotograaf van de Stentor wilde hij echter met veel plezier nog wel even op de foto met zijn nieuwe aanwinsten en Hans Kok. En Susannah, tja, die houd je echt niet weg als er een camera in de buurt is 😉

20150515_112237#

Category: Kevin  Comments off

Compliment

25 april 2014, de dag van de koningspelen en het was een drukke dag. Vanaf kwart voor acht tot kwart over vijf zijn we in de weer geweest en deze dag is er een hoop gebeurd voor beide kinderen. Om even snel nog wat in huis te halen voor het avondeten gaan we na de judo nog heel even naar de supermarkt. Eenmaal binnen spurten beide weg met hun kinderwinkelwagentjes en proberen ze genoeg lekkers van mama los te peuteren. Zoonlief heeft geen mazzel: van wat hij pakt (raketjes en koekjes bijvoorbeeld) hebben we genoeg op voorraad en onze grote kleine meid vraagt of ze ook wat van mij in haar wagentje mag leggen. Onbewust ontstaat er dus een ongelijkheid in de inhoud van die twee wagentjes, maar omdat ik snel naar huis wil is het mij niet opgevallen. Ik wil snel boodschappen doen en dan lekker naar huis.

Bij Kevin bouwt de frustratie op en bij de kassa zet hij het op een schreeuwen: grote tranen biggelen van zijn wangen. Het onrecht voelt zo groot, maar hij komt er niet uit om te zeggen wat er is. Het is gewoon even te veel voor hem. Ik blijf rustig, ik weet dat zijn emmer is overgestroomd en ik pak hem vast om hem tegen me aan te drukken. Zachtjes kriebel ik zijn rug en zo staan we daar even, ik zo onverstoord mogelijk zodat hij niets oppakt van mijn emoties. Na vijf minuten vraag ik hem om rustig te worden zodat ik hem beter kan verstaan en geef hem nog meer tijd. Ik negeer iedereen om me heen, ik weet dat ze kijken en ongetwijfeld hun mening vormen. Kijk daar een moeder die haar kind er niet op wijst hoe ongepast dat geschreeuw was. Wat een drama kind…

Dan herpakt hij zich en kijkt naar mijn boodschappen wagen. ‘Mama, mag ik wat uit jou wagen?’

Natuurlijk mag dat. Alles is afgerekend en het beland toch wel weer in mijn tas. Helemaal blij legt hij een zak bolletjes in zijn wagentje. Zijn ogen stralen en zijn schouders zijn niet meer zo gespannen. Zo klopt het weer voor hem: beide hebben nu allebei drie dingen in hun wagen.

Dan, compleet onverwachts voel ik een zacht tikje op mijn schouder en ik kijk op. De dame die achter me stond bij de kassa kijkt me vriendelijk aan en zegt: ‘Ik wil u een compliment geven over hoe u het net heeft aangepakt. Wat knap dat u zo rustig bleef.’

Ik antwoord en zeg dat na een dag met veel prikkels, het mijn zoon even te veel was geworden.

‘Ja, maar dat geldt ook voor jou,’ antwoord ze, ‘ook jij hebt een lange dag gehad.’

‘Ik kan niet anders. Hij is zoals hij is.’ Zeg ik terug, compleet van mijn stuk door deze opmerking.

Kevin en Susannah zijn inmiddels druk bezig met hun wagentjes leeg te maken, en de lieve mevrouw zegt dan: ‘Maar ook jij verdient je compliment, ik vind het gewoon knap hoe je dit aanpakte.’

‘Vanavond, na acht uur pak ik mijn rust als ze beiden lekker in bed liggen,’ is mijn antwoord en ik vervolg dan, ‘maar heel erg bedankt voor je compliment. Ik zal hem koesteren.’

Hierbij dus.

Hallo Wereld!

Het was zo’n zeldzaam moment dat niet zo vaak voorbij komt: een moment om even met wat meer tijd te kunnen douchen. Niet even snel snel onder de straal springen omdat je in huis nodig bent, nee even lekker lang stomen onder een hete straal. Op mijn vrije dag had ik slechts één kind thuis in verband met een studiedag. Mijn kleuter dochter zat tevreden voor de tv en ik greep mijn kans: dit ging een heerlijk ochtendje worden voor beide dames. Dus ik nam het er van, wetende dat onze meid behoorlijk zelfstandig is, zelfstandiger dan het voor haar leeftijd gewoonlijk is.

Na een korte check voor de grande finale luister ik even op de overloop en hoor beneden het tevreden gebabbel: de poppen worden ook uitgebreid verzorgd door onze dochter. Dan sta je dan: je hoofd ingezeept met shampoo. De douche deur gaat voorzichtig open en dan klinkt het ineens:

‘Mama, ik ben echt in jouw wereld he?’

Ik schiet helemaal vol en doe het douche gordijn op zij. Twee lieve ogen kijken me aan en in haar armen houdt ze haar babypop stevig tegen zichzelf aan.

‘Lieverd, jij bent altijd in mijn wereld.’ En dat is ze, van opstaan tot naar bed te gaan: alles wil ze delen, datgene wat wij met onze zoon hebben moeten missen op die leeftijd maakt ze ruimschoots goed.

Ze knikt en vraagt: ‘kom je zo naar beneden? Ik mis je zo.’ En hoe kan ik daar nu nee tegen zeggen?

–//–

De laatste tijd is het flink aanpoten om onze zoon bij de les te houden. De psychiater had ruim een jaar van te voren al opgemerkt dat hij veel in zijn eigen wereld leeft: zijn pdd-nos had nu meer kenmerken van klassiek autisme.

Dit merken wij het meest omdat hij het tegenwoordig veel heeft over Lego City: hele scenes spelen er in zijn hoofd af en wij kunnen daarvan mee genieten.

Dan, plotseling, stelt hij een soort van controlevraag: ‘Mama, wat is een modelburger?’ Het is dan net alsof hij een ankertje uitgooit om te valideren of we er nog steeds zijn. Het nadeel is vaak dat ik geen flauw idee heb waar hij het over heeft. Met een grote glimlach vertelt hij mij het gewenste antwoord om weer terug te keren naar zijn wereld. Gekke mama toch!

Als ik dan het individueel handelingsplan doorlees voor zijn herindicatie zie ik het zwart op wit staan: het hoort thuis in het beeld van zijn taalstoornis in combinatie met zijn autisme. Het is dus vaak aanpoten om zijn aandacht te trekken en vast te houden. Naast een sociaal vertelsel moet ik hem vaak attenderen op mijn aanwezigheid. Dit doe ik door hem te vragen of hij even in mijn wereld wil komen. Ik pak hem dan zachtjes vast bij zijn arm, draai hem om zodat we elkaar kunnen aankijken en maken contact.

‘Kevin, wil je even in mijn wereld zijn?’ En dat doet hij heel graag: het is echt geen onmacht van zijn kant, maar vaak moet ik hem er even aan herinneren dat onze leefwereld ook heel fijn is.

Die leefwereld bestaat uit bewust veel leuke dingen doen met papa, mama en zijn zusje. Hij geniet dan ook intens van dat soort momenten, zoals een potje mens erger je niet, samen tv kijken of samen eten. Gelukkig worden deze momenten steeds langer, ook op school heeft hij meer en meer aandacht voor zijn klasgenootjes. Hij doet enorm zijn best om in onze wereld te zijn, voor zo ver de prikkels en zijn taalstoornis dat toe laten. Zo zien we hem toch langzaam groeien en zich ontwikkelen op zijn eigen tempo en leren we ook van hem, hoe fijn zijn eigen wereld voor hem kan zijn.

Eerder gepubliceerd in de rubriek ‘Het leven met autisme van’ in het magazine Leven met Autisme, maart 2014, pagina 17.

Het leven is één groot spel

Geconcentreerd kijkt hij naar het beeldscherm. Samen met zijn zusje. Team 1 raadt het woord en mag twee ballen uit de bak halen. “Groen, groen, groen”, klinkt het vanuit het publiek maar dat kan hem helemaal niks schelen. De tweede bal levert echter lingo op en team 1 begint uit te lopen op het tweede team.  Groene ballen doen niks met de score, maar lingo wel.

Dat staat hem niet aan want de teams zijn verdeeld. Zijn zusje speelt met team 1 en hij speelt met team 2. Dat is hun manier om samen naar het tv programma te kijken. De twee teams zijn de avatars die hen beiden vertegenwoordigen in een competitie. Het maakt niet uit hoe ze winnen op tv, hoe goed ze spel(l)en .. het gaat om het winnen voor de buis.

Hij houdt van spellen. Spellen hebben duidelijke regels. Je krijgt een heldere uitdaging en die ga je aan. Winnen of verliezen is een kwestie van oefenen en van opletten. Het heeft niks te maken met lastige sociale situaties waarin mensen je niet duidelijk vertellen wat ze vinden of willen. Niks te maken met je eigen probleem om anderen te vertellen wat jij daar weer van vindt. In spellen is het duidelijk wat je moet doen en weet jij hoe je het moet doen. Je kent de spelregels beter dan wie ook.

De focus en concentratie is ook vergelijkbaar. Of anderen nu voor je spelen of je zelf de controle hebt over het spel. Het beeldscherm is kleiner maar de oude Playstation controller lijkt voor hem gemaakt te zijn. “Ik ga even boven spelen, papa” hoor ik hem regelmatig roepen als hij thuiskomt uit school. Even een half uur ontspannen. Spyro door de levels loodsen, puzzels oplossen, vijanden verslaan.

De verbazing om nieuwe puzzels, de vrolijkheid als hij een nieuw trucje leert en de frustratie als een uitdaging tijdelijk te groot is. Als hij te weinig levens overheeft om het te blijven proberen. Maar ook de ontlading als het hem alsnog lukt. “Vandaag is het mijn geluksdag!”, klinkt het dan juichend.

Vanavond heeft hij minder geluk. Zijn team op tv verliest en mag niet door naar de finale. De frustratie krijgt even de overhand en met het nodige drama besluit hij – druk stampend op de trap – meteen naar bed te gaan.

“Ik heb geen levens meer!”, roept hij nog tegen een ieder die het horen wil.

Misschien heeft hij morgen meer geluk.

Category: Kevin  Comments off

Dondersteen & donderjagen

dondersteen [don·der·steen], de[m.], donderstenen [don·der·ste·nen]

Bron: Woordenlijst der Nederlandse Taal

Het gebeurt nog wel eens dat Kevin wordt afgeleid als hij een simpel klusje te doen krijgt. De lego die bijvoorbeeld (letterlijk) voor zijn voeten ligt kan hij soms moeilijk plaatsen en ook zijn kamer opruimen voor het slapen gaan vindt hij niet leuk. ‘Moet ik werken?’ Klaagt hij. ‘Ja, heel even. Als je het snel doet, zijn we snel klaar.’ Dat is het standaard antwoord van zijn strenge ouders. Ja, hij gaat informatie stapelen voordat hij iets uitvoert, een algemeen bekend ‘probleem’ bij autisten, maar voor hem is het een stukje moeilijker omdat zijn taalstoornis hem ook nog parten speelt. Taalbegrip en emoties zijn toch wel zaken waar aan wordt gewerkt momenteel. Zoals zijn logopediste recent opschreef wist hij eigenlijk niet zo goed wat het woord ‘pret’ betekent. Maar wij als ouders weten heel goed dat hij wel weet hoe het voelt.

Zo ook vanavond. De opdracht was om alle Donald Duck Extra’s die op de vloer lagen op 1 stapeltje te leggen. Ze lagen echt werkelijk overal alsof die gekke eend zelf ter plaatse was ontploft. ‘Ja, mama’, horen we dan dus ik trek me even terug om met zijn zusje een verhaaltje (heerlijk 1 op 1) voor te gaan lezen.

Het blijft heel lang stil op Kevin’s kamer. Ik hoor wel het schuiven van papier dus ik zit stilletjes heel trots op hem te zijn. ‘Weer een opdracht dat hij meteen doet, net als de avond ervoor.’ Dat denk ik dan.

Totdat de kleine meid ingestopt is en ik meneertje koekepeertje aantref op de grond met al die Donald Duck Extra’s om hem heen en hij heerlijk zit te lezen. In ons gezin wordt er veel gelezen dus ik kan bijna niet boos op hem zijn. Goed voorbeeld doet goed volgen namelijk.

‘Zeg dondersteen!’, roep ik en hij kijkt meteen op en over zijn schouder. ‘Dondersteen, wat is dat?’, is zijn – geheel logische – reactie. Ik zie die twinkeling in zijn ogen en meteen stap ik op hem af, grijp hem bij de arm en kietel hem met mijn vrije hand. Al giechelend mag ik hem tegen me aan trekken.

‘Maar wat is dat mama, ben jij een dondersteen?’ En ik kan het niet laten. Op een onbewaakt moment grijp ik hem vast en zeg met een zware stem: ‘Ik ben een dondersteen!’

Mijn lieve geweldige zoon giechelt van de pret. ‘ Nog een keer mama!’ En elke keer als hij het niet verwacht verras ik hem. Echt donderjagen door twee donderstenen dus. Pure pret.

En die Donald Ducks Extra’s? Twee mochten er mee het bed in, de rest ligt netjes op een stapeltje voor hem klaar om zijn leeshonger te stillen. Want van woorden en verhalen kun je als een echte dondersteen nooit genoeg van krijgen.

 

 

Category: Kevin, taal/spraakstoornis  Comments off

Concentratie

Met omhoog getrokken benen zit hij in de stoel naast me. Zo af en toe komt het puntje van zijn tong uit zijn mond terwijl hij met een strakke blik kijkt naar de iPad in zijn handen. Geconcentreerd.

Hij speelt een spel. Hungry Sharks Evolution. Op dit moment zijn favoriet hoewel hij vele andere spellen zou opnoemen als je hem zou vragen welke spellen hij het liefste speelt op de iPad van papa. “De Tijgerhaai houdt niet van krabben!”, roept hij ineens hardop. Het maakt hem niet uit of er wel of iemand in de buurt is om dat aan te horen. Hij moet zijn gedachten en gevoelens even kwijt.

“Waar heb je de chocolaatjes, papa?”, klinkt het na een kwartiertje spelen uit de stoel. Het is één van de voordelen van mogen spelen op de zolderwerkkamer van papa. Behalve de rust en de fijne stoel is er ook de kleine voorraad chocolaatjes die papa met weinig tegensputteren best wel wil delen.

Hij heeft pech. Zijn zusje heeft net die ochtend de laatste gekregen. “Ga je morgen nieuwe halen?”, vraagt hij half terloops terwijl hij overschakelt naar een ander spel. Bad Piggies deze keer. Gniffelend loodst hij de gebouwde voertuigen door de levels naar de finish, af en toe luid schaterlachend als hij ze laat crashen.

De uren vliegen voorbij terwijl er nog twee spellen voorbij komen. Meestal in stilte terwijl hij zijn best doet om het goed te doen in de spellen. Maar met regelmatige onderbrekingen als hij blij, gespannen of gefrustreerd raakt. Hij ontlaadt elke emotie die hij voelt.

Dan ineens staat hij abrupt op. Geeft de iPad terug en zegt: “Ik ben klaar”. En loopt naar beneden terwijl hij nog even een blik werpt op waar normaliter de chocolaatjes liggen.

Morgen vast wel weer.

#

Category: Kevin  Comments off

Het jaar 2012 gevangen in foto’s…

 

We wensen jullie allemaal een heel fijn 2013 toe!

Category: Familie, Kevin, Susannah, Uncategorized  Comments off

De aanpak van vroegtijdige taalondersteuning in onze gemeente

In juli kregen we het bericht dat de remedial teacher op gebied van taal van de peuterspeelzaal moest verdwijnen. Ik was ronduit geschokt en bedroefd dat desondanks dat de wethouder belangrijk vond dat kinderen zonder taal of ontwikkelachterstand op de basisschool kunnen beginnen, kwam leek me dit een kwestie van het paard achter de wagen spannen door het Raster. Het was me echter al wel opgevallen hoeveel klasgenootjes van onze dochter ineens 4 dagdelen op de peuterspeelzaal zaten terwijl ze goed konden praten. Drie jaar geleden werd dit gedaan als uitzondering en moest je door flink wat hoepels springen. Een moeder gaf bijvoorbeeld aan dat haar kind behoorlijk druk was en dat ze zo wat werd ontlast. Maar dat heeft niets met een taalachterstand te maken, misschien een ontwikkelingsachterstand, maar daar ben ik erg voorzichtig mee om dat uit te spreken. Twee weken geleden stapt de juf op me af, waar ze anderhalve week van te voren zei dat ze ons kind vond achterlopen voor een driejarige (blijkbaar compleet vergeten dat Susannah net twee en een half is) ziet ze nu geen achterstand meer. Schiet mij maar lek. Wel wil ze kijken of ze ons kind voor vier dagdelen kan plaatsen zodat ze meer kan wennen aan rituelen en het schoolse. Ik geef aan dat als dat haar helpt met haar sociaal emotionele ontwikkeling (want als zusje van een autist heb je niet echt een voorbeeld) ga ik akkoord. Ik blijf het toch raar vinden, want ze heeft geen taal- of een ontwikkelingsachterstand.

Vandaag ben ik op het consultatiebureau omdat Susannah tijdens het lopen met één voet behoorlijk naar binnen draait en dat zit me niet lekker. De arts is tevreden en stelt me gerust: dat komt vanzelf goed. Ook moet ons meisje wat blokjes stapelen en wat in een vormenstoof proppen. Geen probleem voor ons meisje. Dan vertel ik haar over het voornemen van de juf. De arts geeft zelf aan dat onze meid zich goed ontwikkelt en dat wij thuis ook geen problemen zien. Dus ik vraag haar waarom dan toch die indicaties worden uitgedeeld alsof Piet zijn zak pepernoten kwijt moet. Ze vertelt me dat de gemeente geld heeft vrijgemaakt zodat kinderen schoolrijp zijn als ze naar de basisschool gaan. Allochtone (nee ik verzin dit niet) kindjes hebben vaak een forse achterstand en zo worden op deze wijze geholpen. Ze geeft toe dat het niet meer inzetten van de remedial teacher een erg ongelukkige ingreep was, maar dat het beleid is dat kinderen met achterstanden deze niet meer hebben als ze vier worden. Gezien onze gezinssituatie wil ze wel formulieren tekenen zodat de vier dagdelen kunnen worden aangevraagd zodat ze meer onder haar leeftijdsgenootjes kan zijn waarvan ze kan leren hoe het wel kan gaan.

Maar het zit me toch dwars. Het uitdelen van deze indicaties voor alleen meer uren heeft niets te maken met het wegwerken van taalachterstanden (laat staan dat er iets wordt gedaan aan spraakachterstanden) waar het convenant zo sterk mee begint. Een taalachterstand wegwerken betekent vaak meer aandacht voor taal in de groep. Dit kan worden aangepakt om samen met een specialist of logopediste waarmee men woordjes en mondmotoriek kan oefenen. Hieraan wordt juist helemaal geen extra aandacht meer aan besteed. Sterker nog, er was iemand die dat fantastisch deed, maar die werd de deur gewezen onder de mom van noodzakelijke bezuinigingen. En waarom dan ook weer die nadruk op allochtoon? Beseft men dan echt niet dat autochtone kinderen net zo goed een taal- en spraakachterstand kunnen hebben? Juist als er sprake is van een ontwikkelingsachterstand dat bijvoorbeeld wordt veroorzaakt door autisme komt dit zo vaak voor. Waarom wordt er dan met de oogkleppen op gestaard naar allochtone kinderen? Waarom worden specialisten wegbezuinigt en vervangen door alleen meer uren aan te bieden?

Als ik heel cynisch ben dan kan ik zien hoe een organisatie graag kinderen extra dagdelen plaatst om de gelden binnen te halen zonder dat er echt tijd wordt geïnvesteerd in het substantieel wegwerken van taal- en/of spraakachterstanden. Want waar is bijvoorbeeld de logopediste of een remedial teacher die hieraan kunnen werken? Allochtoon of autochtoon: je gunt elk kind met een taal- en spraakachterstand die extra aandacht om hieraan te werken. Als moeder van een kind met een ontwikkelingsstoornis met een taalstoornis gun ik juist die kinderen dat extra beetje hulp wat ze zo broodnodig hebben. Dat zie ik nu niet gebeuren.

Diva’s en potjes & Pieken en dalen

Over het algemeen gaat het goed met onze twee donders. Het groeit en het bloeit want zo kom je erachter dat kleding niet meer past en dat er kleding in en uit de kast moet. Of dat we weer in de schoenenwinkel staan omdat het gewoon echt niet meer kan. Ik vermoed dat Kevin ook van die grote voeten krijgt, maar wat wil je als je familie, ooms & tantes, neven & nichten allemaal van die grote voeten hebben..

Susannah is voor de tweede keer hulpje van de dag geweest op de peuterspeelzaal. Als ze eenmaal aan de deur staat om te zeggen ‘kom maar binnen allemaal’ neemt emotie het over en rent ze naar me toe. Aangezien ze in een echte ‘papa is alles’-fase zit geniet ik er van. Ze is in de ban van de herfst en als we buiten zijn stoppen we om de paar passen om een mooi herfstbladje te bewonderen dat dan ook echt mee naar huis moet onder het motto ‘Papa zal dan heeeel blij zijn’. Ze geniet van alles en heeft het soms ook veel moeite mee dat ze niet altijd haar zin krijgt, dus eindelijk zien we wat van de peuterpuberteit bij haar. De ‘echt wel’ en ‘echt niet’ vliegen ons om de oren. We zijn begonnen met zindelijkheidstraining en ze heeft al een plasje gedaan op het potje. Maar nu richt ik me meer op bewustwording en ik ga speels om met haar naar het potje gaan. Zo komt het voor dat ze rond paradeert met potje op haar hoofd. Ik laat haar, het komt vanzelf wel.

Susannah is een fijngevoelig meisje dat heel graag helpt en dat er af een toe een diva moment voorkomt neem ik graag voor lief.

Ze is net als haar broer dol op puzzelen. Terwijl ik dit tik zit ze al puzzelend naast me en vraagt voor de vorm voor hulp wat ze echt niet nodig heeft. Maar gewoon, om mama erbij te betrekken. Ze legt puzzels van de leeftijdscategorie van 3 tot 5 jaar en ze moet nog drie worden. Ja, ik ben erg trots op haar.

Kevin vliegt op school: het gaat goed, zeker met logopedie zien ze grote sprongen. Als hij een oefening heeft gedaan met de taal-juf (logopediste) dan generaliseert hij het meteen. Het is me verteld dat in dat opzicht hij geluk heeft. De logopediste vertelt me dat autistische kinderen echt elke klank stuk voor stuk moeten aanleren. Kevin legt heel snel verbanden en past het op andere klanken toe. Natuurlijk heeft hij niet alles onder de knie, maar dat mag. Ik vind dit al heel wat. Zijn emoties en gedrag zijn een heel ander verhaal. Hij vindt sociale situaties als het kringgesprek moeilijk. Vaak houdt hij het 5 tot 10 minuten vol voordat hij geluidjes gaat maken. Omdat dat gedrag andere kinderen stoort mag hij vaak even wat anders doen. Zijn fantastische juf volgt een cursus waar ze ons mannetje mag uitwerken en zich ‘heerlijk in dat mannetje mag verdiepen’.

Ik schrijf in het schriftje dat we samen aan het werken zijn om de puzzel uit te sorteren dat Kevin’s autisme heet. Stukje voor stukje met veel geduld komen we er wel. We zitten op dezelfde golflengte en de samenwerking is gewoon keigoed want we vullen elkaar aan. Tijdens het leerling-gesprek wordt dit ook even besproken en ik gewoon boos op de minister die ouders gewoon geen inspraak meer willen geven over alles wat er met hun kind op school gebeurt. Ze moest eens weten wat voor een schade ze gaat aanrichten hiermee. Er zit zoveel kennis bij ouders en deze school is zo gericht op samenwerken met ouders. Dit doen ze niets voor niets. Deze investering betaalt zich dubbel en dwars terug, maar dit kabinet wil niet investeren in de toekomst te druk bezig met macht behouden. Ik uit dit naar de logopediste en de juf: ze snappen me helemaal.

De juf is erg dichtbij om te ontdekken waarom hij geluidjes maakt. Dank zij de fantastische cursus die ze kan volgen. Het vermoeden is dat hij dan gewoon aan zijn tax zit wat zijn hoofd aan informatie kan verwerken. De volgende stap is om hem dit te laten verwoorden en het te voorkomen dat het zover komt. Zijn dagschema helpt en hij krijgt vrijheid om zelf de plaatjes op te hangen. Als hij voor een korte dag teveel plaatjes ophangt maakt de assistent met hem daar grapjes over.

Tijdens het gesprek komt ook naar voren dat de juf denkt dat ons kind slimmer is dan we allemaal denken en dat er meer uit hem te halen valt. Kevin is bijvoorbeeld dol op rekenwerkbladen. Hij is dol op cijfers en ze probeert hem daarin zoveel mogelijk te voorzien. Als we nu hem ook eens konden helpen met de informatieverwerking in zijn hoofd… want ik snap dat daar zorgen over zijn. Als ik de groepsplanning doorlees zie ik precies waarom de juf ook zorgen maak. Maar ik heb vertrouwen in hem en zijn juffen.
Zo heeft hij afgelopen week een rol gespeeld in een toneelstukje. Hij was de das en een klasgenootje een muisje die haar appel kwijt wilde. Kevin kent zijn tekst, maar ook die van de anderen. In zijn enthousiasme zegt hij de regels voor als het wat te langzaam voor hem gaat. Hij geniet.

Thuis gaat het goed, hij gedijt goed op de drie r ‘en, hoewel in bad gaan voor hem nog steeds de grootste misdaad is. Op dit moment gaat het minder goed met eten. Het is een drama nu. Na een week modderen met een losse voortand kwam het dit weekend eindelijk los. Weg wiebeltand en weer normaal kunnen eten net als bij de vorige twee. Maar nee, deze keer niet. Hij blijft minuscule hapjes eten en haalt zelfs de kleinste stukjes weer uit zijn mond. Dit doet hij zelfs met zijn favoriete stroopwafel. Ik kan het even niet met elkaar rijmen. Waar hij tot voor kort zijn mond het liefst volpropte en ik vroeg of het ook wat minder kon, hebben we nu het tegenovergestelde. Het domineert en verstoort het avondeten want hij wil nu bijna niks meer. Te grof, zijn mondje komt te vol zegt hij. Ik weet het even niet meer, ik mis weer ergens een puzzelstukje.

Als ik dan ’s nachts wakker lig omdat ik de slaap niet kan vatten schiet me een ouder-bijeenkomst van een jaar geleden naar binnen. Dat een kind ineens terug kan vallen in zijn ontwikkeling en het voorgaande helemaal verleerd lijkt te zijn. Pieken en dalen, 3 stapjes vooruit en 4 stappen terug. Het schijnt heel normaal te zijn voor kinderen op het autistisch spectrum, maar ik heb het nog nooit echt met Kevin mee gemaakt want sinds die eerste logopedie sessie bij Heleen is hij alleen maar vooruit gegaan. Tot afgelopen week dan en we maken ons zorgen. Ik schrijf in het schriftje en vraag aan zowel de logopediste als de juf of ze dit eerder hebben mee hebben gemaakt. Want ook ik weet niet alles en ik ben niet perfect. Door dit alleen al te onderkennen krijg ik rust. Ik vertrouw erop dat het goed komt want samen, samen staan we sterk.

Category: Kevin, Onderwijs, PDD-nos, Susannah  Comments off